Informatie vooraf


Bij een fokker op bezoek

Overweegt u om een IJslandse pup in uw gezin op te nemen? Gaat u daarom bij een fokker op bezoek?
Hieronder vindt u een lijst met vragen die u zou kunnen stellen aan de fokker.

De fokker dient alle relevante documenten op verzoek te kunnen tonen, vraag er daarom naar!!

Het lijkt een flinke lijst met vragen, maar het is zeker de moeite waard. Een betrokken fokker geeft graag antwoord en zal u alles vertellen over zijn honden. De IJHC heeft een fokreglement dat is gericht op het welzijn van de pups en de ouderdieren én het voorkómen van erfelijke aandoeningen en afwijkingen.


  1. Vraag naar uitslagen van de HD-foto’s van beide ouders, beoordeeld door de Afd. GGW van de Raad van Beheer.
    Waar let u op? De IJHC adviseert alleen te fokken met HD-A en HD-B.
    Indien men wil fokken met HD-C dan dient de partner HD-A te zijn.
  2. Ouders dienen voor de dekking te zijn onderzocht op Patella Luxatie. Met ouderdieren met graad 2 of hoger mag niet worden gefokt. Heeft één van beide ouders graad 1, dan moet de andere ouder vrij van Patella Luxatie zijn.
  3. Vraag naar de uitslagen van het ECVO oogonderzoek.
    Beide ouders dienen vrij te zijn van ALLE erfelijke oogafwijkingen zoals vermeld op het testformulier.
    Het onderzoeksrapport dient vóór de dag van de dekking te zijn afgegeven en is 12 maanden geldig.
    Met ouderdieren met een erfelijke oogafwijking mag niet worden gefokt.
  4. Er dient eenmalig een gonioscopie te worden gedaan, waarbij wordt bepaald of de hond LPA (Linea Pectinatum Abnormaliteit) heeft. LPA kan een oorzaak zijn voor het ontstaan van Glaucoom. Op het ECVO formulier is bij nr. 8 de mate weergegeven. Met honden met de uitslag Ernstig mag niet worden gefokt. Is één van beide ouders niet VRIJ, dan moet de andere ouder dat wel zijn.
    Zowel de uitslag van het HD-onderzoek als van de ogentest en Patella Luxatie van de teef dienen in het bezit van de fokker te zijn vóór de dekking. Papieren zijn dus nooit “nog onderweg”. De fokker moet u alle relevante testformulieren kunnen overleggen, het liefst ook van de vaderhond.
  5. Is het nest verder (buiten bovenstaande onderzoeken) volgens het fokreglement van de IJHC gefokt?
    Bent u er niet zeker van, dan kunt u dit navragen bij Kathleen Rensma: 0182-582565
  6. Zijn of worden de pups ontwormd en ingeënt?
  7. Bij de overdracht van de pups hoort een volledig ingevuld inentingsboekje.
  8. U zou de fokker kunnen vragen waarom hij juist voor deze combinatie van ouderdieren heeft gekozen.
    Een betrokken fokker kan u honderduit over zijn honden vertellen, zowel over de voor- als over de nadelen.
  9. Bekijk hoe de honden en/of de pups worden gehouden; leven de honden in huis, groeien de pups op in huis of achter in de schuur of in een kennel? Komen ze in aanraking met mensen, kinderen, alle soorten geluiden? Dit alles is heel belangrijk voor de socialisatie van de pups.
  10. Vraag wat de fokker zelf aan de socialisatie van de pups doet. Neemt hij ze bijv. mee naar buiten en mee de auto in? Krijgt de pup al allerlei geluiden te horen en dingen te zien waar hij later mee moet om kunnen gaan?
  11. Bekijk het gedrag van alle pups, zijn ze vrolijk of juist niet, zien ze er schoon en gezond uit, komen ze naar je toe of zijn ze terughoudend? Stabiel of schrikachtig? Maar ook, is de omgeving waarin de honden opgroeien schoon?
  12. Wordt er een puppietest gedaan? Een puppietest is een test die vrij nauwkeurig kan bepalen wat het karakter van een pup is en biedt de fokker de mogelijkheid om de juiste pup in het juiste gezin te plaatsen. De test wordt afgenomen op de leeftijd van 7 weken.
  13. Vraag de fokker of de pup wordt verkocht met een koopovereenkomst. Veel fokkers staan hiervoor open of stellen het zelf voor.
  14. Als de pup eenmaal is gekocht, biedt de fokker u dan nazorg? Kunt u altijd bij de fokker terecht met al uw vragen of voor advies?

Meer informatie kunt u verkrijgen bij Kathleen Rensma: 0182-582565 of e-mail

Reageren is niet mogelijk